Pyjamaheld

Net als 25 jaar en een week geleden zag ik deze ochtend voor het eerst, na een lange periode hevige ups en downs, het licht. Ik besefte ineens dat ik de titel ‘wellness warrior’ van mijn voorstelling in februari 2013 niet geheel toevallig gevonden heb.



Het gaat nogal raar met de wereld. Dat is misschien altijd zo geweest. Ook ik heb veel meegemaakt en pieker weleens over wat zal komen. In het kader van wat ik minder fantastisch vind in mijn leven, las ik gisteren dit stuk. Vandaag schaam ik me dat ik me lang door negativiteit en naïviteit heb laten leiden. Dit snap ik niet helemaal, omdat ik altijd wat rebels geweest ben en misschien veel eerder kritisch had moeten handelen. De wet van de aantrekkingskracht hoef ik hier waarschijnlijk niet meer uit te leggen, al wil ik zeker nuanceren dat deze wet niet ultiem is. Sommige ellende trek je nu eenmaal niet zelf aan en sommige wensen zijn niet realistisch.



Het artikel herinnerde me er aan dat je zelf veel kan, nee, moét sturen. Soms betekent dat het aanpassen van je normen en waarden, waardoor je uiteindelijk groeit. Persoonlijk laat ik op dit moment een aantal van mijn waarden iets te veel de richting ingaan die anderen willen. Maar het is voor niemand eerlijk om steeds op anderen, hun hulp, hun empathie en goedkeuring te wachten alvorens je gelukkig te voelen. Daarbij kan je ze niet overal in vertrouwen. Dan bedoel ik bijvoorbeeld de hoge piefen die de allerarmsten zouden moeten helpen, maar er net in slagen ze toch te bestelen. Of een dierbare die je compleet verkeerd begrijpt. Wat ik daar tegen kan doen, weet ik niet meteen, maar ik wil misbruik en manipulatie niet langer toelaten.



Ons welzijn moeten we dus voor een groot deel in eigen handen nemen. En ja, dan spreek ikzelf vanuit een redelijk bevoordeelde positie. Terwijl ik zo begin 2013 slechts sporadisch sportte, train ik al bijna een jaar in zelfverdediging. Dit vormt fysiek, maar eigenlijk vooral mentaal mijn grootste uitdaging tot nu toe. Thuis doe ik ook enkele keren per week aan yoga. Eindelijk durf ik luidop te zeggen dat ik niet meer zonder (bewuste) beweging kan. Oftewel: dat ik deze jarenlange blokkering door mijn bange ego overwonnen heb en me steeds sterker voel. En mondiger. Geluk en gezondheid gaan natuurlijk verder dan dat; er is voor iedereen nog veel werk voor alle mooie kansen beter verdeeld zijn over onze gedeelde planeet. Bij deze sta ik alvast in een positieve warrior pose naar keuze klaar om ervoor te vechten.


Het concept zo veel mogelijk rust door zo weinig mogelijk spullen, oftewel minimalisme in mijn eigen bondige woorden, is me al lang bekend. Ik vind het ook al lang het overwegen waard, maar al die tijd liet ik luiheid en emotionele hechting doordrukken op mijn behoefte aan rust en ruimte. Nu ik als ‘echte volwassene’ een eigen huishouden met een voltijdse job probeer te combineren, durf ik luidop te zeggen: ik ben klaar met die, ja, toch wel, brol.


Minimalisme is voor mij onlosmakelijk verbonden met consuminderen, iets wat me broodnodig lijkt willen we alsnog een poging doen om de aarde te redden. Betekent het bedolven raken onder veel te dure, veel te verwaarloosde en veel te nutteloze dingen echt meer dan ons geestelijk én lichamelijk welzijn? Is dat wat de mens en zijn leefomgeving nodig heeft? Nog maar kort geleden dacht ik hier pijnlijk weinig over na. Inmiddels voel ik dat dit hele gedoe genoeg is geweest en niet alleen voor mijzelf. Een heel groot deel van wat thuis staat, wordt niet gebruikt. In de eerste plaats betreft het materiële zaken, maar die grote zooi brengt tevens overbodige gedachten met zich mee. Alles hiervan maakt het me benauwd en houdt me in een giftige situatie vast.



Doei!
Doei!

Waarschijnlijk heb ik reeds mijn hele leven rommel waar ik niets uit haal, behalve plaatstekort. Ik bedoel niet per se het lieve, oude knuffelkonijn zonder poten. Elke plaats met dozen of kasten bevat vast iets wat ik compleet vergeten ben, zelfs al heeft het ’emotionele waarde’. Maar ook wat zich in mijn gezichtsveld bevindt, moet nagekeken worden. Zo ligt er al weken een stapeltje kleding (in goede staat maar te groot, of te niet-mijn-ding) op een stoel in de badkamer. Waarom? Euh… Steek het op uitstelgedrag, waardoor ik te lui (!) ben om er een foto van te maken voor een geefgroep op Facebook. No more!



Letterlijk loslaten
Dat is het, ik gooi alle elektronica, alle cadeau’s, alles wat ik in meervoud heb gewoon door het raam! Of ik wacht even, adem in en rustig weer uit. Eerlijk gezegd kan het moeilijk zijn om spullen weg te doen. Er is altijd een “Wat als ik het later nodig heb?” of “Ja maar… dit heb ik gekregen.” En ondanks dat we beter weten, blijven we vaak aan deze onnodigheden vasthouden. Daar draait het bij minimalisme evengoed om: loslaten. Hoe stroef ook, het is net deze knop die voorgoed omgedraaid moet worden. De grote vraag is natuurlijk “Hoe?” Er zijn voldoende boeken en artikels over geschreven en websites en video’s over gelanceerd die ik allemaal eens wil bekijken. Light by Coco was mijn eerste inspiratie. Aangezien ik graag aan challenges meedoe, kan de Minimalism Game een leuke optie zijn. Ik wil het echter intuïtiever aanpakken.



Deze mintkleurige kledingstukken liggen te wachten op het juiste weer...
Deze mintkleurige kledingstukken liggen te wachten op het juiste weer…

Ik verhuis en ik neem mee…
Wat ik meteen kan bedenken, gaat meteen de deur (niet het raam) uit of, indien onherstelbaar of onwasbaar, de prullenbak in. Heb ik dit de laatste maanden gebruikt? Ligt of staat het letterlijk in de weg? Mijn kleerkast bijvoorbeeld is absoluut aan een opfrissing toe. De stapel op de stoel kan en moet zeker groter worden. Verder is het een kwestie van steeds strenger rond te kijken en te beslissen zónder er uren gepieker aan te spenderen. Anders gezegd: ik begin zonder concreet plan. Het beste hieraan is het ontbreken van het voordeel van de twijfel. Geen tijd, gewoon wegdoen! Hardcore. Schrik dat ik doordraai en met een lege woning achterblijf, heb ik niet, hoewel ik op zich veel minder nodig heb dan ik meestal denk. Het doorgeven van cadeau’s zal wel lastig zijn, omdat het stiekem een vals gevoel van ondankbaarheid oproept. Misschien dat ik het excuus ‘dan heb ik weer plek voor nieuwe cadeau’s’ zal hanteren. Hoe snel ik achteraf mijn koopgedrag zal aanpassen, weet ik niet. Ik durf te wedden dat ik na een flinke opruimbeurt minder in de verleiding zal komen om alles tijdens de aankomende solden in te slaan. Eigenlijk moet ik me bij het (toekomstige) uitmesten en winkelen de volgende vraag stellen: zou ik het in m’n koffer meenemen bij een verhuis naar een ander land?



Na eerder kleding en huishoudelijke apparaten via een online geefgroep door te hebben gegeven, weet ik alvast dat ik dit een goede manier vind om leef- en ademruimte te creëren. Zowel de planeet als meerdere portefeuilles worden gespaard, doordat mensen uit de buurt iets gratis komen ophalen. Wellicht zal dit een nieuwe vorm van economie beginnen vormen. Het enige wat ik erin moet steken is een beetje tijd, dus wil ik zo alle bruikbare dingen die anderen blij kunnen maken deze zomer een nieuw leven bieden. Daarmee bied ik mijn leven eindelijk een kans tot meer evenwicht en zal ik plezier eerder uit ervaringen dan uit spullen halen.


Sinds enkele weken maak ik bijna dagelijks tijd voor een zenmoment. Hiermee bedoel ik een moment voor ontspanning, in mijn eentje, zonder andere mensen in dezelfde kamer (of tuin) en vooral zonder zorgen of lawaai. Een moment van mindful rust zou ik het ook wel noemen. Wat ik gedurende dat kwartier, halfuur of die paar uren doe, verschilt vrijwel elke keer weer. Vandaag heb ik op net geen twee uur tijd mijn eerste mandala ingekleurd.


Ja, inkleuren, waarom niet? Ik vind het net als tekenen en schilderen iets therapeutisch hebben. Misschien ben ik er niet goed in, maar het voelt wel fijn en efficiënt. Zeker hele kleine tekeningen met een symmetrisch en organisch karakter vind ik fantastisch. Ze zijn sierlijk, geven detail en ik ben er lekker lang mee bezig. De eerste mandala die ik heb uitgekozen, heeft een duidelijk bloempatroon en ziet er een beetje oosters uit. De basiskleuren zijn donkerblauw en geel, oftewel de bedoelde ‘koninklijke’ toets. De andere tinten heb ik geleidelijk aan uitgezocht en zijn allemaal varianten van blauw en geel. Het groen in het midden heeft een blauwe schijn.


Er is mij gevraagd waarom ik dit deed, welk nut het heeft. Mijn antwoord was ‘Voor de fun!’, maar eerlijk gezegd zou ik het begrijpen mocht iemand dit écht als therapie gebruiken. Kleurentherapie bijvoorbeeld zie ik hier in terugkomen. Zelf heb ik geprobeerd mijn verstand op nul, of eerder op ‘kleuren’, te zetten. Nerveuze gedachten duwde ik dus eventjes opzij. Een kop muntthee om mijn moeilijke maag te helpen erbij en ik had alles wat nodig was. Daarbij zijn mandala’s een hindoeïstisch en boeddhistisch symbool voor het universum en de eeuwigheid. Ze worden vaak in meditaties gebruikt en hebben, afhankelijk van de vormen, een haast goddelijke betekenis en een lange geschiedenis. Niet enkel fun maar ook cultureel interessant.



Sergio Guinot Studio

Ik moet toegeven dat ik toevallig op dit zenmoment ben gekomen. Op weg naar school (niet ontspannend!) liep ik langs de etalage van een boekenwinkel die een reeks van mandalaboeken verkoopt. Ik zag de versie met bloemen en het was net als ik verkocht. Waarmee ik besluit dat uitkijken naar een zenmoment toch als het begin ervan kan tellen.

Sinds het stuk van laatst over de toestand van mijn gezichtshuid, lijkt deze gedurende een paar dagen erger te zijn geweest. Ik kreeg meer onzuiverheden op mijn wangen, vooral aan de linkerkant. Behalve laat gaan slapen heb ik niets opmerkelijks gedaan of veranderd en daarbij slaap ik ook rechts. Het is dus graven naar de oorzaak, maar intussen probeer ik het met eenvoudige middeltjes nog meer te verminderen.


De nachtelijke kokosnootolie heb ik inmiddels alweer ingeruild voor petitgrain. Echter blijft het vele voordelen bieden en heb ik sowieso al lang geen masker meer op gehad, oftewel: een geldig excuus om er wéér eens mee te experimenteren. De andere twee ingrediënten voor het masker zijn honing en tijm. Beide zijn bekend om hun goede eigenschappen (bv. antibacterieel en stimulerend voor de bloedsomloop) en vrijwel altijd op voorraad.



Vettig!

Ik had ervoor kunnen kiezen om alles te mengen en als een geheel aan te brengen, maar ik wou me vooral op de kokosolie focussen. Daarom liet ik eerst hier een beetje van in mijn hand smelten en bracht ik er met een (goedkoop en synthetisch) kwastje een laag van aan op mijn schone gezicht.



Vervolgens dipte ik de punt van de kwast in de honing, om er ten slotte voorzichtig tijm op te strooien. Dit allemaal boven de wastafel, natuurlijk. Het smeren van de olie ging gemakkelijk, maar het plakkerige van de honing voelde ik meteen.



Dit alles spoelde ik na tien minuten met koud water af. Kokosnootolie blijft graag zitten en goed afdrogen is zeker nodig. Mijn eerste indruk was dat het masker mijn huid zacht maakte en hydrateerde. Daarna merkte ik op dat mijn poriën verkleind waren en mijn voorhoofd er iets minder rood uit zag. Fijn! Dit recept past wat mij betreft perfect in de categorieën snel en kalmerend.

In april postte Mascha van Beautygloss een DIY video voor scrubblokjes. Aangezien het zó gemakkelijk te maken leek, besloot ik het eindelijk zelf eens te proberen.


De benodigdheden: een blokje zeep (100 gram), kokosnootolie (50 gram) en suiker (150 gram). Mijn oud zeepje was 80 gram dus trok ik overal 20 gram van af. Voor extra verzorging nam ik ook een scheutje olijfolie, rozemarijn en tijm.

Om te beginnen sneed ik de zeep in kleine stukjes. Bij mij brokkelde het vooral in poedervorm af en leek het dankzij de kleur op kaas. Na het toevoegen van de kokosnoot- en olijfolie liet ik deze ingrediënten langzaam smelten. Eerst deed ik dit in de magnetron, maar om te vermijden dat het smakelijk naar zeep zou blijven ruiken, stapte ik over op de au bain marie-techniek.


Het smelten duurde om de één of andere reden redelijk lang en uiteindelijk deed ik gewoon verder met de zeep in een nog licht brokkelige staat. Daar gooide ik een beetje rozemarijn en tijm bij. Vervolgens voegde ik de suiker toe om dan alles snel te mengen en in de ijsblokjesvorm te drukken. Ik had genoeg voor acht blokjes.


Zo’n 25 minuten in de vriezer was voldoende om de blokjes gebruiksklaar te maken, maar iets langer had ze nog steviger gemaakt. Inmiddels zijn ze getest en ik ben zeer tevreden over de werking. Omdat het smelten niet even vlot als gewenst verliep, brokkelden ze wat af onder de douche. Het scrubben ging echter prima; een beetje ruw, maar dat maakt de blokjes handig wanneer je het al lang niet meer gedaan hebt. Een klein detail: de geur van het zeepje vind ik niet bijzonder fijn. In het vervolg zal ik er dus nog etherische olie zoals tea tree bij doen.

De conditie van mijn gezichtshuid lijkt al jaren dezelfde te zijn. Rond mijn dertiende begon ik wat last te krijgen van puistjes en dit is niet meer weggegaan of verbeterd. Daarbij heb ik een enorm vette huid. Nu wil ik wel eens weten hoe dat komt en wat ik er effectief tegen kan doen. Als de huid een reflectie is van je gezondheid vanbinnen, wil ik op de hoogte zijn van wat dat voor mij betekent.


Huid

Het meest getroffen gebied is mijn voorhoofd. Ik heb er geen echte puistjes, maar wel onzuiverheden en grote poriën. Mijn huid daar ziet er helaas niet egaal, maar rood en haast geïrriteerd uit. Dit is al enkele jaren zo en de oorzaak is me een raadsel. Ik heb het gevoel dat mijn allergieën en misschien hormonen er iets mee te maken hebben.


De rest van mijn gezichtshuid heb ik meer onder controle. Hier en daar komen af en toe kleine puistjes die ik met petitgrain olie meestal weg krijg. Mijn neus en kin daarentegen hebben vuile poriën en verslinden strips tegen mee-eters.


Trots ben ik zeker niet op deze toestand, maar in mijn eentje lijk ik niet tot een oplossing te komen. Wat ik heb geprobeerd? Een crème en prikkende gel op voorschrift van een dermatoloog. Een lijn Vichy-producten. Petitgrain- en tea tree-olie, waarvan de eerste in het begin heel goed werkte. Een setje tea tree- en zeewierproducten van The Body Shop (voor de vette/gecombineerde huid). Minder melk consumeren. Dat is wat ik zoal heb onthouden. Wat ik sinds gisterennacht gebruik? Kokosolie met een wattenstaafje en dat is het dan ook. Ik zie een heel kleine verbetering, maar wellicht is dat enkel goede hoop.


Mijn volgende idee is om ten eerste naar scrubs en peelings over te stappen. Het lijkt me bijna logisch dat een laagje vette huid weghalen voor verbetering zal zorgen, maar dat kan ik eigenlijk niet weten zonder het zelf te proberen. Ten tweede zou ik enkele weken zo weinig mogelijk suiker proberen te eten. Ik ben een verslaafde zoetekauw en wie weet wat de gevolgen daarvan zijn. Trouwens, waarom ten tweede: in de korte periodes waar ik minder suiker binnenkreeg, leek er niet echt iets te veranderen. Voor vragen over het verband met mijn allergie ben ik nog op zoek naar een geschikte expert.

Aangezien het weer steeds (langer) warmer wordt, is het de ideale tijd om bij te leren over de planten die je zelf kunt verzorgen. Buiten filmen is vaak spannend vanwege het ongecontroleerde lawaai, maar volgende filmpjes zijn prima afgehandeld.



Eigen tuin creëren
Amandine maakt in meerdere van haar video’s duidelijk hoe dol ze is op natuur. In dit werk geeft ze een rondleiding door haar prachtige en grote tuin.



Buitenshuis planten
Toegegeven, over het algemeen zijn mijn favoriete ASMR-ers vrouwelijk. Toch doet WhisperMister het zeker niet slecht. Hier toont hij hoe je lavendel kunt planten.



Minituin met ontkiemende plantjes
Als beginneling voel ik wel jaloerse kriebels voor BrittanyASMR‘s kleine ‘tuin’. Zo te zien heeft ze minder views dan ze verdient, checken dus!



Zen garden
Een ander soort tuin, maar minstens even charmant. Ik beken dat ik het via MrHeadTingles heb ontdekt en dat ik er uren mee zou spelen.



Geraakt door de natuur
Een klein tussendoortje zonder gepraat of gefluister voor tijdens je pauze. ASMRSURGE laat zien wat voor de winter in zijn oma’s tuin groeide.

 


Greetje Van den Eede werkt met haar praktijk De Natuurbalans al jaren in de natuurlijke verzorging en geeft advies voor het dagelijks gebruik van aromatherapie.



Wat zijn de bekendste manieren om aromatherapie toe te passen?
Van den Eede: ‘Inhalatie kan op verschillende manieren. Met een brandertje is iets wat de meeste mensen zich wel herinneren of al eens gezien hebben. Bovenaan is een gedeelte voor water waar etherische olie op wordt gedruppeld zodat het mee verdampt. Zonder water verbrand je de olie. Dat is eigenlijk nogal een omslachtige manier. Je hebt dan altijd een kaarsje en vuur nodig, wat niet in alle omstandigheden veilig is. Bij inhalatie neem je de geur via je ademhaling naar je hersenen op. Het wordt onmiddellijk in het limbisch systeem opgenomen oftewel geregistreerd. Geuren zijn wat je je het verst herinnert. Om in de lucht te verdampen zijn er nog andere manieren. Er zijn apparaatjes die je in het stopcontact kunt steken en die een koude verdamping geven. Dat is kwalitatief beter dan met kaarsjes. Er zijn verstuivers voor bijvoorbeeld in het toilet, dat is met pure etherische olie en dus opgelost in alcohol. Kinderen inhaleren het weleens via een aerosol, handig voor problemen in de luchtwegen. Ik geef klanten vaak een zakdoekje met wat olie of doe er een beetje op de mat in de gang of auto.
Studenten in de examenperiode kunnen aan een flesje ruiken. Of ze kunnen het op een zakdoek druppelen en daaraan snuiven. Wel moet er altijd op gelet worden dat de olie aangepast is aan de leeftijd en problematiek.’




Welke geuren worden het meest gebruikt voor de behandeling van veelvoorkomende klachten?
‘De meest gebruikte geur is lavendel; daar zijn verschillende soorten in. Velen kennen het ook en het is een beetje een algemene aroma. Het is helemaal niet slaapverwekkend maar rustgevend. Studenten die lavendel gebruiken tijdens het studeren, hebben betere resultaten dan met rozemarijn. Dat werkt opwekkend. Tweede in opmars is tea tree, goed tegen bacteriën en schimmels. Daar hebben mensen weleens last van, gezien je het bijvoorbeeld in het zwembad gemakkelijk krijgt. Eucalyptus is in mijn ervaring de derde geur die mensen het beste kennen. Daar zijn ook verschillen in en het is belangrijk om te weten dat bepaalde soorten niet door kinderen gebruikt kunnen worden. Dat heeft te maken met het vermelden van de Latijnse naam. Die naam moet op het flesje staan, anders is het kwalitatief niet oké. Eucalyptus globulus mag niet voor kinderen onder de tien jaar toegepast worden.’



Welke klachten worden het meest behandeld met deze therapie?
‘De twee meest gevraagde indicaties zijn schimmels en hoofdpijn, waar we lavendel of munt voor gebruiken. Ook stress komt veel voor. Heel vaak is het zo dat klanten iets vragen om rustiger mee te worden of om goed te slapen. Daar is trouwens het meeste over bestudeerd. Citroen is dan weer goed voor de concentratie. De combinatie van lavendel en citroen is natuurlijk super voor studenten.’



Hoe eenvoudig is aromatherapie; mag je gewoon willekeurige flesjes uit de winkel meenemen?
‘Eigenlijk zou je advies moeten krijgen. In natuurwinkels zijn mensen opgeleid en zij kunnen je over het algemeen adviseren. Bijvoorbeeld over het dagdagelijks gebruik van etherische oliën. In de apotheek is dat minder; ze hebben niet allemaal een extra opleiding gehad.’



Welk gevaar is er in het combineren van natuurlijke middelen?
‘Een overdosis is mogelijk. Een onrustig iemand die beter wil inslapen en daarom etherische olie van lavendel gebruikt, is zich soms niet bewust van de hoeveelheid. Twee druppels is eigenlijk het maximum. Stel dat de persoon vijftien druppels op zijn kussen doet, dan zou het kunnen zijn dat hij de hele nacht wakker blijft. Met kruidenthees en -infusies en capsules is het zo dat het de laagste werkzaamheid heeft. Je zou op z’n minst drie kopjes thee per dag moeten drinken. Eén of twee druppels etherische olie is meteen veel krachtiger. Je moet er dus inderdaad voorzichtig mee zijn, zien hoe je het toepast en weten waar je mee bezig bent.’



Hoe kun je je eigen geur samen stellen met etherische olie?
‘Dat is niet zo eenvoudig. Je kunt aangeven in welke richting je wil gaan, zo zijn er mensen die van bloemige of exotische geuren houden. Van daaruit ga je oliën uitkiezen. Het is wel zo dat je drie verschillende oliën moet hebben die zowel de basis-, midden- als topnoot zullen vormen. Dan moet je voor jezelf uitmaken of de aroma’s bij elkaar passen. Mensen die allergisch zijn aan parfums, komen cursussen volgen om hun eigen geurtje te maken. Wasproducten met lavendel hebben een chemisch nagemaakte geur. Dat is een beetje het nadeel aan wetenschappelijk onderzoek naar aromatherapie: men weet perfect hoeveel er van alles in zit en zo maakt men de geur na.’

Night2

Dierproeven voor cosmetica zijn twintig jaar na de eerste Belgische wet omtrent dierenwelzijn verboden in heel Europa. Fabrikanten van make-up en verzorgingsproducten moeten nu minder wrede veiligheidstesten hanteren.



De Europese Commissie maakte bekend dat het sinds 11 maart verboden is om cosmetica op dieren te testen en geteste producten te verkopen. Hier vallen zowel make-up als verzorgingsproducten zoals zeep, tandpasta en shampoo onder. De wet omtrent de verkoop van geteste cosmetica is het langverwachte resultaat van eerdere regelgevingen. Robert Molenaar, campagneleider van de Anti Dierproeven Coalitie, licht toe: ‘In 2004 ging in Europa het verbod om de eindproducten van cosmetica op dieren te testen van kracht. In 2009 werd het ook verboden om de ingrediënten van cosmetica zo te testen. Helaas golden deze restricties nog niet voor drie bepaalde dierproeven. De cosmetica industrie had tot 11 maart dit jaar de tijd om alternatieven te ontwikkelen. Sinds die dag zijn ook de laatste experimenten verboden.’ Het belangrijke verschil tussen de wet van 2004 en die van nu is dus de ontwikkeling van het testen van nieuwe ingrediënten.



Het is een goede zaak dat de deadline voor alternatieven gehaald werd. De nood aan meer dierenwelzijn begon ook aan fabricanten te knagen. Sarah Doms is communicatiemedewerkster van Detic, vereniging van producten en verdelers in onder meer cosmetica in België en Luxemburg. ‘Het belangrijkste gevolg voor de cosmetica industrie was dat zolang er geen andere methodes gevonden werden, er ook geen nieuwe ingrediënten op de Europese markt gebracht konden worden. Dit zou de producenten beperken in de ontwikkeling van producten met nieuwe ingrediënten, innovatie dus. De beperking zou ervoor zorgen dat onderzoek en innovatie zich verplaatsen naar de markten buiten Europa.’



Maar hoe zit het dan met de bedrijven die tot nu toe steeds gebruik maakten van dierproeven? ‘Een bedrijf zoals L’Oréal kan nu geen dierproeven meer in Europa uitvoeren. Het is onduidelijk of zij dat wel in het buitenland doen. Er is nu al weinig controle op laboratoria met dieren. Openheid en transparantie vind je amper binnen de dierproefsector,’ zegt Molenaar. Het is een grote stap dat dieren hier niet meer gebruikt mogen worden voor schoonheidsproducten. Tegelijkertijd is het begrijpelijk dat fabricanten niet zomaar hun hele systeem kunnen omgooien. Het is niet zo dat een bedrijf sowieso wel of helemaal geen gebruik maakt van experimenten op dieren.



Huppelend konijntje
Er zijn ook vast nog geteste producten in de omloop. ‘De eerste bezorgdheid van de cosmetica industrie is de veiligheid van het product voor de gebruiker,’ aldus Doms. ‘Als de veiligheid niet gegarandeerd kan worden zonder uitvoering van dierproeven, komt dat ingrediënt niet op de Europese markt. Ingrediënten die voor 11 maart veilig bevonden werden, ook door middel van dierproeven, mogen wel nog gebruikt worden.’ Binnenkort zou de productie volledig diervriendelijk moeten zijn. Intussen kunnen de consumenten zelf de labels controleren. Het symbool dat de diervriendelijkheid aanduidt, is de leaping bunny oftewel het huppelend konijntje. Molenaar: ‘Niemand kan garanderen dat de verkochte cosmetica in Europa daadwerkelijk dierproefvrij is. Daarom adviseert ADC om de bedrijven die altijd tegen dierproeven zijn geweest te belonen. Een lijst vind je op gocrueltyfree.org .’



Molenaar is op de hoogte van gebruikte alternatieven. ‘Nieuwe ontwikkelde ingrediënten worden getest via een gelaagde strategie. Hiermee combineer je een aantal alternatieven om een risicobeoordeling voor de mens te maken.’ Testen op dieren zijn behalve moreel verkeerd, niet het meest betrouwbaar. ‘Vaak zijn dierproefvrije technieken veel betrouwbaarder. Je gaat dan namelijk uit van de mens en maakt gebruik van menselijke cellijnen. Er is bijvoorbeeld ook een kunsthuid ontwikkeld. Vroeger werden hier konijnen voor gebruikt,’ verklaart Molenaar.



Terwijl Europa na jaren strijden van dierenactivisten voorloopt in het dierenwelzijn, is er wereldwijd nog zeer veel werk aan de winkel volgens Molenaar. ‘De grote bottleneck is dat in sommige landen dierproeven voor cosmetica nog verplicht zijn, zoals in China. Wil je je product daar op de markt brengen, dan zijn die proeven nodig. Bedrijven zoals Lush en The Body Shop kiezen er bewust voor om niét naar China te gaan. Dat is een fantastisch signaal.’ Cosmetica wordt diervriendelijker en dat mag gevierd worden. Toch waarschuwt Molenaar dat overwinningskreten niet te luid moeten zijn. ‘We mogen niet vergeten dat cosmeticadierproeven slechts een klein onderdeel zijn van alle dierproeven die nog plaatsvinden in België en Europa. In België voert de ADC bijvoorbeeld campagne voor een verbod op apenexperimenten. We zijn samen met verschillende organisaties een Europees Burgerinitiatief gestart. We hebben één miljoen handtekeningen op stopvivisection.eu nodig en dan kunnen we een motie indienen voor een verbod op alle dierproeven.’



Moeilijkheden zouden er niet zijn bij het diervriendelijk houden van producten. Doms gaat hierop verder: ‘De producenten in Europa moeten zich aan een heel strikte regelgeving houden. Deze staat onder constante controle van de Europese Unie en Commissie en de Belgische overheid. Moest het toch zijn dat een producent de wet overtreedt, dan zal die bestraft worden.’

ASMR

Het fenomeen ASMR staat voor een ontspannende, lichamelijke tinteling die door verschillende geluiden en handelingen veroorzaakt wordt. Ondanks de groeiende online gemeenschap is er tot op de dag van vandaag nog maar weinig onderzoek naar dit gevoel.  


Het getintel met de naam ASMR, afkorting voor Autonomous Sensory Meridian Response, begint meestal in het hoofd en heet daarom ook wel braingasm. Vanuit de kruin kan het gevoel omlaag zakken en in de hartstreek, onderrug, benen of vingers voorkomen. Het Youtubekanaal ASMRvelous is van de Belgische Danielle en zij merkt het nog ergens anders: ‘Wanneer ik sterke tintels ervaar, is dat rechtsboven mijn oog. Deze bewegen dan soms verder door naar mijn rechterarm.’ De kietel eindigt gewoonlijk in een (diepe) rust en velen met slaapproblemen hebben er baat bij. Toevallig ook Danielle: ‘Sinds de ontdekking van ASMR filmpjes in mei vorig jaar, val ik gemiddeld een half uur tot een uur nadat ik in bed ben gaan liggen in slaap. Vroeger duurde dit gemakkelijk drie tot vier uur.’ Stress, angst en pijn kunnen eveneens verlicht worden. Daarbij hebben de verschillende soorten triggers een licht hypnotiserend effect, waardoor je als luisteraar weer even in de realiteit terug moet komen.



Kijk, luister, ontspan
De Nederlandse Ilse heeft onder de naam TheWaterwhispers ook haar eigen succesvol kanaal met ASMR video’s. Als kenner bevestigt ze dat de triggers of prikkelingen in twee categorieën ingedeeld zijn. Meditatie bijvoorbeeld zit in de eerste categorie, het zogenaamde type A. Bij dit type wordt enkel gebruik gemaakt van interne stimuli. Hulpmiddelen zoals muziek, wierrook en mantra’s mogen er natuurlijk wel zijn maar het is vooral de bedoeling om zonder hulp van anderen te ontspannen.



Op Ilse’s kanaal is het type B met tientallen externe stimuli te vinden. Tikkende nagels, het gekraak van plastic verpakkingen, haar dat geborsteld wordt en natuurlijk gefluister zijn enkele mogelijkheden. Het gaat echter veel verder; er zijn zelfs video’s met rollenspellen. Hierin neemt een persoon een rol aan, waarbij hij of zij de kijker helpt of verzorgt. Mensen die als kapper of tandarts acteren zijn dus een normaal en zelfs fijn gezicht. Ilse geeft toe dat ze zich voor haar video’s niet bewust op een type focust. ‘Beide categorieën zijn door de ASMR Research Group opgericht. Ik begrijp er zelf eigenlijk niet veel van. Ik hoef enkel aan een geluid of handeling te denken en kan dan al een lichte tinteling voelen.’ Wel beklemtoont Ilse dat ze al sinds jonge leeftijd hypersensitief is en vanzelf wat geluk heeft om de tintel te kunnen voelen.



Voor buitenstaanders kan het hele concept onterecht zweverig overkomen. Ze herkennen het gevoel niet en worden eerder nerveus van zulke rustige mensen op hun scherm. Nog anderen hebben de indruk dat ASMR iets erotisch is. Ilse is net van het omgekeerde overtuigd: ‘Het is niet de bedoeling om er iets seksueels van te maken. Iemand kan dat zo opvatten maar meestal is het doel pure ontspanning. Sommigen schamen zich ervoor dat ze zo denken terwijl het niet erg is om dat idee te hebben.’ Subtiliteit is wel gepast: als een kijker enige gevoelens krijgt bij een specifiek filmpje, dan wordt een netjes verwoord compliment eerder op prijs gesteld dan een vergelijking met soft porn.



Liefhebbers komen voorlopig vooral op het internet samen en het fenomeen zelf heeft nog maar net een weg naar buiten gevonden. Daarom pleiten meerdere kleine organisaties, zoals de eerder genoemde ASMR Research Group, voor een onderzoek naar de oorzaak van de sensatie. Ilse en Danielle volgen de ontwikkelingen in de interesse goed op maar beseffen dat er nog een lange weg te gaan is voor er antwoord komt. ‘Mensen ervaren ASMR op zoveel manieren, sommigen krijgen het zelfs helemaal niet in hun hoofd. Die verschillen maken dat het een beetje vaag blijft. Vanuit mijn perspectief moet er rekening gehouden worden met de vele triggers. Het lijkt me belangrijk om de hersenactiviteit te observeren en die aan het zenuwstelsel te koppelen’, legt Ilse uit. Danielle vat samen waarom liefhebbers niet kunnen wachten op een doorbraak: ‘ASMR zit nu op een plek waar het bestaan van de reactie nog in vraag wordt gesteld. Eerst moet dus bewezen worden dat de hersenen weldegelijk op een bepaalde manier reageren op bepaalde prikkels.’



Aangezien er genoeg videokanalen en prikkelingen bestaan, is het even zoeken naar de persoonlijke favoriet. Ilse geeft tips om uit te zoeken hoe een nieuweling ASMR kan ervaren: ‘Bekijk zoveel mogelijk diverse filmpjes. Er zijn roleplays, fluistervideo’s, natuurgeluiden,… Wat je nodig hebt om goede video’s te maken is een microfoon waarmee je geluiden om je heen hoort, zoals van links naar rechts. Daarnaast zijn er visuele triggers en die vragen om een goede camera.’ De stem, het soort geluid, het geruis van de camera en zelfs de persoonlijkheid achter de video zijn belangrijke kenmerken. Danielle stelt degenen bij wie de tintel niet spontaan is gerust. ‘Sommige mensen hebben direct iets van ‘dus dat is dat gevoel!’. Voor hen is het het makkelijkst om terug te graven in hun geheugen naar de triggers uit het verleden. Als je het niet herkent moet je gewoon verschillende video’s en mensen proberen en niet te snel denken dat het niet werkt.’



ASMR heeft een heuse online community die volgens Ilse rond juli vorig jaar plots enorm gegroeid is. Er zijn enkele websites en Facebookpagina’s maar vooral Youtube is populair. Hier worden de favoriete kanalen, prikkels en hun effecten besproken. Kijkers krijgen ook de kans om video’s met een bepaald geluid of bepaalde beweging aan te vragen. Dit alles brengt logischerwijze feedback op: ‘Er zijn mensen die voor en na het bekijken van een filmpje als test hun bloeddruk opnemen, waarna hun bloeddruk aanzienlijk gedaald blijkt. Af en toe reageren kijkers dat sommige filmpjes zo goed helpen dat slaappillen niet meer nodig zijn. Bovendien schijnen huisdieren en slapeloze kinderen te reageren’, aldus Ilse. Opmerkelijk is dat ze weleens berichtjes krijgt van soldaten in Afghanistan. Wellicht is dit verschijnsel potentieel materiaal voor therapeuten.