Afgelopen zondag 5 juni werd in het kader van het gemeentelijk klimaatplan de eerste editie van Eetbaar Hoegaarden gehouden. Op verschillende locaties te Hoegaarden en Outgaarden stelden bewoners hun (moes)tuin open en kon de plaatselijke natuur bekeken, beluisterd en geproefd worden. Zelf heb ik me aan een kruidenwandeling en het maken van een thee en een azijntje gewaagd.

Bloemenwater: vlierbloesem, rozenblaadjes, viooltjes, kamille en munt
Bloemenwater: vlierbloesem, rozenblaadjes, viooltjes, kamille en munt

In de pastorietuin waren verse kruiden en inspiratie in overvloed. Madammenateljee KVLV organiseerde er een kruidenworkshop waarvoor de opkomst aanvankelijk minder dan gehoopt was, maar uiteindelijk zelfs te groot werd. Na een verwelkoming met een zelfgemaakt bloemenwater gidste de sympathieke Mieke, mét verse bloemen als oorbel, ons doorheen de tuin met in elke bocht en elke hoek eetbaar groen. Bieslook, nagelkruid (nee, niet kruidnagel), het ontembare zevenblad, tijm, rozemarijn en munt zijn enkele van de groene schatten die we er vonden. Zeg trouwens niet ‘onkruid’ maar liever ‘wildkruid’. Wie de kans krijgt om de tuin te bezoeken en/of een opleiding tot herborist te volgen: doen.

Eens in het achterste gedeelte van de tuin zagen we de goedgevulde tafel met ingrediënten voor onze eigen thee en azijn. We konden kiezen tussen onder andere vlierbloesem, salie, gember, citroenmelisse, meerdere zoetstoffen zoals ahornsiroop en kokosbloesemsuiker… En lavendelkoekjes! Na nog wat uitleg over de heilzame eigenschappen van al deze opties mochten we aan de slag. Een beetje intuïtief ging ik af op de gember, citroenmelisse en kokosbloesemsuiker. Het was erg warm, dus kon ik wel iets fris en verkwikkend gebruiken. Het water moest eerst koken, dan weer afkoelen om er vervolgens enkele minuten (acht, maar dat geduld had ik niet) de thee of het infuus in te laten trekken. Lekker? Natuurlijk.

Een schijfje gember, twee versnipperde blaadjes citroenmelisse en een half theelepeltje kokosbloesemsuiker
Een schijfje gember, twee versnipperde blaadjes citroenmelisse en een half theelepeltje kokosbloesemsuiker

Een kopje thee en minstens vier koekjes later kregen we elk een flesje met appelciderazijn als basis. Af en toe een scheutje azijn in een salade vind ik wel oké, maar aan de veelzijdigheid van appelciderazijn te horen, zou ik het vaker moeten gebruiken. Om met een bescheiden smaak te beginnen, hield ik de extra’s voor in de fles op vlierbloesem, een paar takjes salie en enkele peperbolletjes. Intussen staat mijn azijn sinds zondag op een donkere plek en schud ik ‘m eventjes telkens ik er voorbij kom. Binnen een kleine week zal ik deze eerste poging kunnen beoordelen.

Azijn met vlierbloesem, salie en peper + azijn met tijm, salie, knoflook en peper
Azijn met vlierbloesem, salie en peper + azijn met tijm, salie, knoflook en peper

Initiatieven die de (Hoegaardse) natuur en het klimaat in de kijker zetten en daarbij dichte en minder dichte buren bij elkaar brengen, kan ik alleen maar toejuichen. En het was fijn om zo vlak bij huis met kruiden te mogen spelen.

In april postte Mascha van Beautygloss een DIY video voor scrubblokjes. Aangezien het zó gemakkelijk te maken leek, besloot ik het eindelijk zelf eens te proberen.


De benodigdheden: een blokje zeep (100 gram), kokosnootolie (50 gram) en suiker (150 gram). Mijn oud zeepje was 80 gram dus trok ik overal 20 gram van af. Voor extra verzorging nam ik ook een scheutje olijfolie, rozemarijn en tijm.

Om te beginnen sneed ik de zeep in kleine stukjes. Bij mij brokkelde het vooral in poedervorm af en leek het dankzij de kleur op kaas. Na het toevoegen van de kokosnoot- en olijfolie liet ik deze ingrediënten langzaam smelten. Eerst deed ik dit in de magnetron, maar om te vermijden dat het smakelijk naar zeep zou blijven ruiken, stapte ik over op de au bain marie-techniek.


Het smelten duurde om de één of andere reden redelijk lang en uiteindelijk deed ik gewoon verder met de zeep in een nog licht brokkelige staat. Daar gooide ik een beetje rozemarijn en tijm bij. Vervolgens voegde ik de suiker toe om dan alles snel te mengen en in de ijsblokjesvorm te drukken. Ik had genoeg voor acht blokjes.


Zo’n 25 minuten in de vriezer was voldoende om de blokjes gebruiksklaar te maken, maar iets langer had ze nog steviger gemaakt. Inmiddels zijn ze getest en ik ben zeer tevreden over de werking. Omdat het smelten niet even vlot als gewenst verliep, brokkelden ze wat af onder de douche. Het scrubben ging echter prima; een beetje ruw, maar dat maakt de blokjes handig wanneer je het al lang niet meer gedaan hebt. Een klein detail: de geur van het zeepje vind ik niet bijzonder fijn. In het vervolg zal ik er dus nog etherische olie zoals tea tree bij doen.


Grote kans dat HEMA al langer de handige potjes en kisten in het assortiment heeft. Zelf heb ik ze pas deze week ontdekt en ik werd meteen enthousiast. Na wat twijfelen koos ik uiteindelijk voor de kruiden; die zouden over een aantal weken al kunnen groeien. Wie baseert zich op het stuk van gisteren en vandaag om te zeggen dat ik kriebels heb?

Bovenop staat dat dit kistje grond en zaden voor basilicum, peterselie, bieslook en oregano bevat. Zodra je het karton van de kist af haalt, zie je dit.

Tenzij ik heel verkeerd kijk, zie ik nergens staan dat je er ook tijmzaadjes bij krijgt. Dat maakt verder niet uit, tijm is natuurlijk zeker welkom. Wat ik me wel afvraag is waarom het zakje van de peterseliezaadjes een andere kleur heeft.

Deze tabel over de bloeiperiodes vind je op elke kist en pot terug. Binnenshuis kun je de kruiden het hele jaar door zaaien en plukken, mits je ze op een juiste plaats zet. Buiten zaaien doe je best van maart tot juni. Plukken doe je dan van juni tot september.

De instructies zijn duidelijk te volgen. Allereerst moet je het merendeel van de grond in de plastic bak in het kistje zetten. Hou nog zo’n twee centimeters over tot de rand van de kist (1). Strooi dan de zaadjes over de grond uit (2), bedek ze met de overblijvende grond (3) en giet er net zoveel water op (4) tot de bovenkant lekker vochtig is (5).

1

2 Links zie je basilicum, midden bieslook en rechts tijm. Oregano en peterselie hebben bijzonder kleine zaden.

3 Ja, da’s een hond.

4

5 Na de laatste stap heb ik het kistje in de bijkeuken gezet, oftewel de lichtste plaats in huis. Ook heb ik even daarna nog water toegevoegd. En nu… laat het gras maar groeien!

 

Groene vingers? Graag! Maar… hoe? Nu de zon zwakjes maar eindelijk een beetje schijnt, heb ik tuinman Geert Derom (o.a. Tuinen van Hoegaarden en Felgroen) om tips gevraagd.



Enkele eetbare lage plantjes en kruiden die je nu kunt beginnen planten zijn volgens Geert snijsla, tuinkers, erwten, kool, peterselie, basilicum, bieslook en koriander. Allemaal welgekend en veelzijdig. Bovendien nemen ze niet al te veel plaats in. Is het dan zo eenvoudig dat je alle zaden in één pot kunt strooien? ‘Best alleen snijgroenten (sla, tuinkers) apart zetten. De kruiden kunnen samen in één grote bak buiten in de tuin of op het terras’, aldus Geert. Wat frisse grond in een bak, daar de zaadjes in planten en regelmatig de vochtigheid bijhouden. Daar komt het verzorgen van zulke planten eigenlijk op neer. ‘Het belangrijkste’, zegt Geert, ‘is dat de grond steeds licht vochtig moet zijn. Dit kun je testen door met de rug van je vingers na te gaan of de grond koel aanvoelt.’
Water en buitenlucht
Toch kan het weleens onverklaarbaar mislopen waardoor je planten er sip uit komen te zien. Vooral planten die je binnen houdt lopen dat risico: ‘Binnen zijn planten zwakker omdat ze minder licht hebben maar wel te veel warmte. De plantjes gaan hierdoor ijl groeien. Zodra ze gekiemd zijn, kan je ze op de vensterbank buiten plaatsen.’ Stel echter dat het hopeloos lijkt en je plant langzaamaan verwelkt. Is er dan geen enkele redding mogelijk? Misschien kan het advies van Geert je geruststellen. ‘Het enige dat je dan kan doen, is de plantenbakken op potten in water zetten zodat de grond zich terug volzuigt met water.’
Het duurt natuurlijk enkele weken voor je effectief met je babyplantjes kunt koken maar eens het zover is, haal je er veel uit. ‘Snijgroenten zoals sla en tuinkers zijn na drie à vier weken klaar. De snijsla zal weer uitschieten als je hem niet te laag afsnijdt. De kruiden moeten groot genoeg zijn, minstens 15cm hoog. Als je niet te laag knipt, schieten ze ook terug door’, besluit Geert.